Bloubergstrand
Blog,  Reizen

We zitten intussen in Kaapstad

Even snel een krabbeltje, als update na zoveel dagen stilte. We zitten inmiddels voor de vijfde dag in Kaapstad en het bevalt ons hier prima. Veel beter weer dan in Pretoria, vandaag 30 graden Celsius, een prima guesthouse en genoeg om van te genieten.

Dubbele gevoelens

Even terug naar afgelopen zondag. Nadat we bij een Medipoint een oogzalf voor mij hadden gescoord, besloten we ’s middags, ondanks de regen, toch nog even naar het Voortrekkermonument te gaan. Voor mij een ‘oude bekende’. Ik kwam er vroeger regelmatig. Inmiddels bekijk ik het monument wel met andere ogen, nu de andere kant van de geschiedenis steeds meer ruimte krijgt. ’s Avonds ben ik wel naar de kerk geweest. Met mijn ogen ging het, dankzij de zalf, iets beter. Het was een kerkdienst met emoties, vanwege de dood van een jonge man uit de kerkgemeente, die bij een beroving is doodgeschoten.

Na de kerkdienst ben ik nog even bij Trix en Babes geweest, om daarna koffie te gaan drinken bij de familie Kamphuis, die ik nog ken van vroeger. Er was veel jeugd. Lekker gekletst met allerlei mensen en mij erover verbaasd hoe mensen ouder, groter en volwassener geworden zijn in de afgelopen 14 jaar. Jonge mensen die ik heb gekend als kleine kinderen: nu vlotte twintigers.

Luxe tent die geschiedenis ademt

Maandag en dinsdag zijn we via Kimberley naar Kaapstad gereden. Eerst naar Kimberley. Dat ging goed, op een omzwerving in de buurt van Johannesburg na. Om één of andere reden hadden we steeds de verkeerde weg te pakken. Maar op den duur zaten we op de goede weg. In Kimberley overnachtten we in de Kimberley Club, een luxe tent die geschiedenis ademt. Vele grootheden, waaronder prins Philip van Engeland, maar ook allerlei presidenten, hebben er gelogeerd. Dat was de reden dat Gerben – geschiedenisfanaat als hij is – hier móést en zou slapen. Hij had er zelfs een heus tenue de ville voor meegenomen (terwijl ik in mijn oversized Springboks-rugbyshirt door het hotel sjouwde). En dan was er het bad op leeuwenpootjes, ook een wens van Gerben. Hij dook er direct in! Iets minder respect had hij voor een oude mitrailleur die ergens in een gang stond. Die rukte hij van zijn sokkel, om ermee te kunnen poseren.

“De Karoo is een ruig en droog gebied, maar als je dan eindelijk de Kaapse bergen in zicht krijgt… adembenemend!”

De rit Kimberley-Kaapstad was een lange, maar mooie rit. Veel zand en stenen – de Karoo is een ruig en droog gebied – maar als je dan eindelijk de Kaapse bergen in zicht krijgt…. adembenemend! Onderweg gestopt in Orania: een dorp waar gepoogd wordt de Afrikaner-cultuur, -taal en -tradities te bewaren. Gerben had Orania zien langskomen in het tv-programma Van Dis in Afrika en deze “gekke plek” wilde hij wel eens zien. Daarna geluncht in Britstown, in de Noord-Kaap. Nu zitten we alweer de nodige dagen in het Excellent Guesthouse in Belville, een voorstad van Kaapstad. En ik moet zeggen, het is er excellent! Hele aardige eigenaars (Etienne en Lizelle), lekker Afrikaans kletsen, ’s ochtends ontbijt met yoghurt, cornflakes, spek en eieren, verse koffie. We mogen doen en laten wat we willen, ’s avonds gaat er een lap vlees op de braai of we maken potjiekos!

Pech met de Tafelberg

Woensdag wilden we naar Kaapstad, naar de Tafelberg. Maar er stond een joekel van een file op de N1 naar Kaapstad. Een ongeluk. Dus maar terug gegaan en ons vermaakt in het zwembad van het guesthouse. Ook zijn we naar het bedrijfje van Marco Zielman – een oude schoolvriend – geweest. Hij heeft een truck-met-ingebouwde-machine voor het bottelen van wijnen. Daarmee rijdt hij wijnboerderijen langs, om de wijnen te bottelen. Donderdag opnieuw naar de Tafelberg, maar de kabelbaan was gesloten vanwege de harde wind. Pech dus.

“Gerben vond dat maar niets: dikke Amerikanen die 12.000 kilometer varen op een cruise ship, om vervolgens in een Mall rond te gaan lopen”

We besloten om Kaapstad maar in te gaan. En we hebben wat door het Waterfront geslenterd: een groot winkelcentrum in de Kaapse haven. Gerben vond dat maar niets. Dikke Amerikanen die 12.000 kilometer varen op een cruise ship, om vervolgens in een Mall rond te gaan lopen. Vrijdag heeft Marco ons het dorp en de omstreken van Paarl laten zien. Dat is de wijnstreek, net als het bekende Stellenbosch. Hij reed onder meer met ons het bergpaadje, boven Paarl. En we hebben het Taalmonument bezocht. ’s Middags wijn geproefd. En ’s avonds lekker gebraaid met Marco en zijn vriendin Yzelle.

Beetje zon meepikken

Gisteren hebben we het befaamde Bloubergstrand bezocht. Vanaf Bloubergstrand heb je één van de mooiste uitzichten op de Tafelberg. Veel foto’s van de Tafelberg die je op kalenders ziet, zijn vanaf dit strand gemaakt. Het waaide (opnieuw) vreselijk en het water was bitterkoud. Dus van zwemmen kwam niet veel, maar van een beetje zon meepikken wél. Dat wil zeggen: Gerben moest en zou in de zon gaan liggen en werd rood als een kreeft! ’s Middags zetten we koers richting Kaappunt. De uiterste punt is vooral erg toeristisch: het is tenslotte één van de meest zuidelijke puntjes van Afrika. Maar het nationale park eromheen is méér het bezoeken waard.

“Van zwemmen kwam niet veel, maar van een beetje zon meepikken wél. Gerben moest en zou in de zon gaan liggen en werd rood als een kreeft!”

Vandaag (zondag) zijn we naar de kerk in Belville geweest. Daarna stapten we in de auto voor een rit naar en rondom Stellenbosch. Beetje rondgekeken, genoten van het uitzicht van de Kaapse bergen, de oude Kaaps-Hollandse huizen en de wijnboerderijen. Nu liggen we bij het zwembad. Alhoewel, ik zit te typen. Straks ga ik nog even zwemmen en wat zon pakken. Vanavond ga ik op bezoek bij een oudoom en -tante, die ook in Kaapstad wonen. En daarna hebben we een steakbraai in onze guesthouse. Ja ja, het goede leven!

Meer met Zuid-Afrika dan met Nederland

Morgen pakken we onze biezen en rijden we via de kust en Oudshoorn – bekend om de struisvogels – naar Colesberg. Ongeveer halverwege Pretoria, dus. We hebben een guesthouse dichtbij Gariep Dam (vroeger bekend als H.F. Verwoerddam: dam is het Afrikaanse woord voor meer). En dan rijden we dinsdag naar Pretoria. Dinsdagavond hebben we nog een uitnodiging om een ‘doppie te drink’ met wat mensen in Pretoria. Lijkt me leuk. En dan zit onze vakantie er al bijna weer op: woensdagavond vliegen we terug. Jammer, jammer… Ik had nog best een paar weken willen blijven.

“Dit land grijpt je in je hart. Ik heb dit land – ondanks alle enge verhalen en realistische gevaren – enorm lief. Méér nog dan ik de afgelopen 14 jaar heb gedacht…”

Sowieso gaat het bij mij kriebelen om ooit weer definitief terug te gaan naar Zuid-Afrika. Ik heb nu weinig tijd om daarover hele verhalen te schrijven. Maar om het samen te vatten: dit land grijpt je in je hart. En voor mij gaat dat gevoel zo diep, dat ik soms met een absolute zekerheid weet dat ik méér met Zuid-Afrika heb dan met Nederland. Ik heb dit land – ondanks alle enge verhalen en realistische gevaren – enorm lief. Méér nog dan ik de afgelopen 14 jaar heb gedacht… Maar we gaan zien wat de toekomst brengt. Die ligt vooralsnog in Nederland.