Kaapstad
Blog,  Reizen

Weer voet op Zuid-Afrikaanse bodem!

En toen werd werkelijkheid waar ik al jaren heimelijk van droomde: ik ben weer terug in Zuid-Afrika! En niet voor een (korte) vakantie, maar voor een paar maanden. Mijn doel? Erachter komen wat dit land nog met mij doet en of ik mogelijkheden zie – en de moed heb – om hier weer definitief te gaan wonen. Voor die vraag wil ik rustig de tijd nemen, want ik merk nu al dat dit land veranderd is… en dat ikzelf ook ben veranderd. Ik ben neergestreken in Bellville, een buitenwijk van Kaapstad. Het is hier lente en het begint langzaam iets op te warmen.

De regen meer dan zat

Dat was niet zo, werd mij verteld. Het heeft veel geregend en hier in Kaapstad zijn ze de regen méér dan zat. Met name de weekends vielen letterlijk in het water. Maar het lijkt erop dat ik mooi weer meegebracht heb. Er trekken nu wat wolken voorbij en ook om de bergen in de verte – volgens mij zijn dat de Hottentots-Holland berge – hangt wat bewolking. Maar verder is de lucht mooi blauw. Al waait het nog wel behoorlijk, maar dat doet het hier vaker. Ik had bedacht dat ik deze week de Tafelberg (al) wel even op kan, maar het is de vraag of de kabelbaan open is met zoveel wind. Ondertussen vliegen er wat schreeuwende hadeda’s (ibissen) voorbij. Vertrouwd gevoel.

“Ik ben er intussen al achter dat je niet op London-Heathrow moet vliegen als je haast hebt”

Eerst even terug naar afgelopen (datum). Ik had een indirecte vlucht naar Zuid-Afrika – goedkoper dan rechtstreeks – en vloog via Londen en Johannesburg. M’n vlucht naar Londen bleek ruim drie kwartier vertraging te hebben. Maar omdat ik in Londen een overstap van vier uur had, kon de vertraging op Schiphol mij weinig schelen. Ik kwam bij de gate nog naast een man te zitten die mij een heel raar gevoel bezorgde. Het leek net een lijk! Ineens viel het kwartje: de man had zijn gezicht geschminkt. Vermoedelijk omdat hij wijnvlekken in zijn gezicht had, of zo. Nu moet ik zeggen dat het van een afstand best netjes leek. Maar van dichtbij… Apart ook, dat zoiets je dan zo’n raar gevoel bezorgt. Even was ik bang, zelfs, dat de man naast mij zou zitten in het vliegtuig. Zulke dingen gebeuren mij namelijk wel vaker…

Overstap in Londen

Enfin, tot Londen ging alles goed. Aangekomen op London-Heathrow mocht ik aanschuiven in een enorm lange rij, eerst de paspoortcontrole en daarna voor de controle van mijn handbagage. Ik ben er intussen achter dat je niet op Londen moet vliegen als je haast hebt. Gelukkig had ik alle tijd. Na de paspoortcontrole en het checken van mijn handbagage kwam ik in een enorme transferhal terecht. Omdat ik drie uur te vroeg was, stond er nog geen gate op de borden. Ik heb de tijd toen maar gedood met wat dingetjes op mijn laptop – internet was er nauwelijks, helaas – en koffiedrinken. En een broodje eten… wat rondhangen.

Oh ja, ik had nóg een schrikmoment. Er werd in Londen een reiziger omgeroepen, voor de vlucht naar Johannesburg. Of die persoon zich wilde melden bij de balie in de centrale hal. De naam werd zo uitgesproken dat het zomaar Gerrit Bijzet had kunnen zijn ( (mijn eerste doopnaam is Gerrit, dus die stond op mijn ticket). Maar ik wist niet zeker of ze mij bedoelden en zo ja, waarom ik mij dan zou moeten melden. Dus ik bleef zitten, in de veronderstelling dat ze het wel een tweede keer zouden omroepen als ze mij wél moesten hebben. Maar er werd niets meer omgeroepen.

Meerdere korte slaapjes

Ook vanuit Londen vertrokken we drie kwartier tot een uur te laat. Niet erg, maar dit betekende wel dat mijn slaaptijd eronder leed. Want tegen de tijd dat ze het hele vliegtuig een drankje hadden bezorgd, was het negen uur geweest. Daarna kwam nog het avondeten en toen ik dat achter de knopen had, was het half 11. Ik besloot niet direct te gaan slapen, maar – op mijn schermpje – een film te kijken. Het werd Social Network, over de opstart van Facebook. Uiteindelijk pikte ik tussen half één en half zes meerdere korte slaapjes mee. Ik had steeds het geluk, dat ik precies wakker schrok als er een steward rondliep met fris en water. Het zorgde ervoor dat ik ik genoeg dronk. En toen ik om half 6 opnieuw wakker werd, was het tijd voor het ontbijt.

“Twee uur overstaptijd lijkt veel, maar op een vliegveld ben je zomaar twee uur verder”

We arriveerden in Johannesburg rond kwart over 7 ’s ochtends. Een kwartier te laat. Voor het eerst tijdens mijn reis moest ik wél opschieten, want mijn vlucht naar Kaapstad zou om kwart over 9 vertrekken. Twee uur overstaptijd lijkt veel, maar op een vliegveld ben je zomaar twee uur verder. De paspoortcontrole ging redelijk snel (…in Venezuela heb ik regelmatig langer in de rij gestaan) en daarna was de vraag: waarheen? Omdat mij in Amsterdam verzekerd was dat mijn koffer direct doorgestuurd zou worden naar Kaapstad, maakte ik me daar geen zorgen om. Maar toen ik bij een balie vroeg hoe ik bij de vertrekhal voor binnenlandse vluchten kwam, zei de baliemedewerkster: “Je moet eerst je bagage van de band halen”.

De goede rij, of toch niet?

Ik legde haar uit dat dit onnodig was, maar zij bleef volhouden: “Dit is een internationale luchthaven met douane. Je haalt je koffer van de band, gaat door de douane en checkt ‘m dan opnieuw in”. Ik was ervan overtuigd dat zij fout zat, maar wilde niet het risico lopen dat mijn koffer niet in Kaapstad zou aankomen. Ik besloot toch maar even bij de bagageband te gaan staan, en jawel… ook mijn koffer rolde van de band. Achteraf ben ik blij dat ik ben gaan vragen waar ik naartoe moest, anders had ik de eerste dag(en) in Kaapstad mooi zonder spullen gezeten.

Maar toen…? Eerst door de douane en daarna kon je naar de aankomsthal. Echter, nog vóór de aankomsthal zaten balies voor het opnieuw inchecken van bagage. Er waren balies van diverse luchtvaartmaatschappijen, maar alleen die van SA Airways waren open. Zoveel mensen gingen daar in de rij staan, dat ik dat ook maar deed. Kuddegedrag, maar ik was er niet zeker op. Na een minuut of 5 tot 10 wachten, zag ik een vliegveldmedewerkster passeren, die met mensen voor mij in de rij in gesprek ging. Ik schoof er gauw tussen, om te vragen of ik wel in de goede rij stond. Niet dus…

You can’t hurry Africa

Ik had de aankomsthal in gemoeten, met koffer en al, en dan linksaf bij wat roltrappen omhoog, tot in de transferhal. Een ‘vliegveldmannetje’ – van het type dat 20 euro fooi wil – loodste me naar de juiste balie. Daar was het opnieuw wachten geblazen… but you can’t hurry Africa. Uiteindelijk was ik een halfuur voor vertrek bij de gate, voor mijn vlucht naar Kaapstad.

“Op het vliegveld van Kaapstad ben je meestal weinig tijd kwijt, dus al snel stond ik bij de balie van de autoverhuur”

Het vliegtuig naar Kaapstad vertrok op tijd én arriveerde keurig op tijd. Op het vliegveld van Kaapstad ben je meestal weinig tijd kwijt, dus al snel stond ik bij de balie van de autoverhuur om mijn auto op te pikken. En voordat ik het wist was ik op weg naar On the Balcony, een appartementje (met balkon, zoals de naam al zegt) van oude bekenden Gert en Ingrid. Gert is de broer van Gerbrand, met wie ik in Pretoria op de lagere school en het voortgezet onderwijs zat.

Links rijden gaat goed

Links rijden ging me goed af. Eén of twee keer zat ik bijna fout. Ook moest ik opletten bij het uitvoegen naar rechts. Maar verder rijdt het alsof ik het vroeger hier geleerd heb (…wat niet zo is). Zelfs het richting aangeven gaat goed. In tegenstelling tot mijn reizen van 2002 en 2008, toen ik regelmatig de ruitenwissers aanzette als ik eigenlijk richting wilde aangeven. Wel gaat het schakelen soms fout als ik snél moet reageren. Dat komt omdat je hier in dezelfde richting schakelt als in Europa, terwijl je dat aan de andere kant – met je linkerhand – moet doen. Je brein laat je dan rare dingen doen. Dan sta je plots in de 4, terwijl het de bedoeling was om terug te schakelen naar de 2.

Ik reed niet direct goed, moet ik eerlijk zeggen. Als je vanaf het vliegveld wegrijdt zonder navigatie, ga je eerst op je gevoel rijden. Zo belandde ik op de weg naar Stellenbosch. Al snel kreeg ik al het vermoeden dat ik fout zat. Zodra dat kon ben ik gekeerd, om daarna alsnog op de R300/Kuils Rivier Road uit te komen. Ik pakte de goede afslag, maar reed aan het eind (weer) verkeerd, zodat ik opnieuw moest zoeken. Toen ik de borden Frans Conradie Drive zag, had ik het gelukkig snel gevonden.

Praktische zaken

Het appartementje van Gert en Ingrid is keurig netjes, comfortabel en schoon. Bovendien zit het bij wijken die ik al ken: Bellville en Brackenfell. Met supermarkten en winkelcentra op rijafstand. Vrijdagmiddag ben ik naar de supermarkt gegaan, waar ik mij direct heb laten bijpraten over mobiele telefonie (prepaid) met internet. Voor dat laatste had ik een bewijs nodig van mijn verblijfplaats. Dat kon ik bij de politie halen, zei het meisje van de telefoon-/internetwinkel. Ik vroeg of de eigenaar van mijn appartement ook een brief mocht schrijven. Ja, dat was ook goed.

“’s Avonds heb ik rugby gekeken, onder het genot van een braai, bij Marco die ik ken van de lagere school”

Zaterdag heb ik een SIM met mobiel nummer geregeld, waarmee ik ook kan internetten. Daarna ben ik bij oom Klaas en tante Emmie – mijn Zuid-Afrikaanse oudoom en -tante – langs geweest en ’s avonds heb ik rugby gekeken, onder het genot van een braai, bij Marco. Ook met hem heb ik op de lagere school en het voortgezet onderwijs gezeten, in Pretoria.

Koffie te komen drinken

De nacht erna werd ik ziek, góéd ziek. Buikkramp, meerdere keren naar de wc. Ik weet niet waar het vandaan kwam, want bij slecht eten heb ik meestal binnen een uur á anderhalf al last. En dit was uren na het eten. Gelukkig knapte het in de loop van de dag op en was ik ’s avonds weer vrij fit.

Straks wil ik even naar een winkelcentrum, wat dingetjes zoeken. Zoals een mapje voor mijn paspoort en rijbewijs, die ik hier overal bij mij moet hebben). En een woordenboekje. Misschien een sporttas; handig voor wat spullen als ik straks moet verhuizen. Maar ook voor een weekend waarop mijn appartement dubbel geboekt is, maar ik gelukkig een weekend bij Marco kan logeren. Onderwijl leg ik wat contacten. Ik ben al door verschillende mensen – onder wie een oude bekende, ook uit Pretoria – gevraagd om een keer koffie te komen drinken. Wordt vervolgd.